Sociale bijdrage eerste regularisatie

Sinds begin 2015 worden je sociale bijdragen berekend op je inkomen van het jaar zelf. Daarvoor betaal je eerst voorschotten, waarna twee jaar later de eindafrekening volgt. Betaal je sinds begin 2015 voorlopige bijdragen? Dan mag je je in de loop van dit jaar aan je eerste ‘regularisatie’ verwachten. We doen de nieuwe regeling nog eens uit de doeken.

Tot eind 2014 hingen je sociale bijdragen af van je netto belastbaar beroepsinkomen van drie jaar ervoor. Concreet: beleefde je zaak een uitzonderlijk boerenjaar, dan had je pas drie jaar later de bijbehorende hoge sociale bijdragen aan je broek. Met de nieuwe regeling die sinds begin 2015 in zwang is, gooit de overheid het over een andere boeg: voortaan worden je bijdragen berekend op je inkomsten van het jaar zelf.

De berekening gebeurt in 2 stappen:

Eerst betaal je voorlopige bijdragen of voorschotten op basis van je netto belastbaar inkomen van drie jaar ervoor. Wat je vrijwillig meer betaalt dan je voorschot, komt in je reserve – een soort spaarpot – terecht. Twee jaar later, wanneer je sociaal verzekeringsfonds je werkelijke inkomen van dat jaar doorkrijgt van de overheid, volgt de eindafrekening of ‘regularisatie’. Wat je te veel betaalde, krijg je terug. Waren je voorschotten ontoereikend, dan moet je bijpassen.

In de loop van dit jaar zullen alle zelfstandigen die in 2015 voorlopige kwartaalbijdragen betaalden op hun inkomen van 2012, voor het eerst zo’n regularisatie krijgen. Voortaan volgt er jaarlijks zo’n regularisatiestaat:

Jaar

Bijdrage

Voorlopig berekend op:

Regularisatie in:

2015

22%

inkomen van 2012

2017 op basis van inkomen 2015

2016

21,5%

inkomen van 2013

2018 op basis van inkomen 2016

2017

21%

inkomen van 2014

2019 op basis van inkomen 2017

Wanneer verhogen of verlagen?

Omdat inkomens pas na twee jaar vaststaan voor de overheid, blijven je voorlopige kwartaalbijdrages berekend op ‘oude’ inkomens. Niets nieuws onder de zon dus? Toch wel, want het nieuwe systeem is een stuk flexibeler. Zo kun je op elk moment je voorschotten verhogen of verlagen. In deze concrete situaties bijvoorbeeld:

1. Door omstandigheden vallen je inkomsten tegen

Ondernemen is niet altijd voorspelbaar. Wat als een grote klant plots in zee gaat met een andere leverancier? Of als je klanten wegblijven uit de winkel door aanslepende wegenwerken in de straat? Ook met een tijdelijk kleinere omzet moet je nog steeds je vaste kosten betalen.

Vroeger kwam daar nog een schepje bovenop, want dan betaalde je sociale bijdragen op basis van je inkomen van drie jaar daarvoor. In de nieuwe regeling kan je echter ten allen tijde je bijdrage verlagen.

2. Je inkomen valt een stuk hoger uit dan verwacht

In dat geval loont het de moeite om een verhoging aan te vragen van je voorlopige sociale bijdragen. Die zijn namelijk volledig fiscaal aftrekbaar. Meer sociale bijdragen betekent een lager netto belastbaar inkomen, en dus minder belastingen. Denk je in aanmerking te komen voor een verhoging van je voorlopige bijdragen? Steek dan eerst je licht op bij je boekhouder of accountant.

3. Je partner komt mee in de zaak

Stapt je partner mee in je zaak, dan kan je je loon spreiden over twee personen. Een voorbeeld: je verdient 50.000 euro per jaar. Doordat je man of vrouw nu deel uitmaakt van je zaak, splits je dit over 25.000 euro elk. Omdat je loon gehalveerd is, kan je onmiddellijk kiezen voor een lagere, realistische bijdrage.